2.3 Prognose ontwikkeling bezit
Last updated
In dit hoofdstuk worden de aantallen eenheden in exploitatie van de woningcorporatie opgevraagd. U neemt hier de fysieke aantallen op. De wegingsfactoren (met betrekking tot vastgoedeenheden) spelen hierbij geen rol. Het begrippenkader en de definities voor ‘eenheden’ in de gegevensuitvraag van de dPi zijn gelijk aan de gegevensuitvraag van de dVi.
De eenheden die hier opgevraagd worden zijn expliciet alleen de eenheden bestemd voor verhuur. Eventuele eenheden die de woningcorporatie op voorraad houdt, neemt u niet in dit overzicht op.
Voor de zelfstandige eenheden woonruimte wordt onderscheid gemaakt tussen de categorieën goedkoop, betaalbaar, duur tot huurtoeslaggrens, duur vanaf huurtoeslaggrens tot middenhuurgrens en vanaf middenhuurgrens.
De te hanteren huur is de rekenhuur conform artikel 5 van de Wet op de huurtoeslag. Voor de prognosejaren moet u rekening houden met inflatie voor de huurgrenzen.
Let op
Het opgegeven aantal verhuureenheden in hoofdstuk 2.3 moet overeenstemmen met hoofdstukken 2.4 (eenheden zelfstandige woonruimten), 2.5 (eenheden zelfstandige woonruimten) en 2.7 (totaal aantal eenheden). In bijlage II ‘Validaties’ wordt dit nader toegelicht.
Last updated

