Berekening forecastjaar
Voor het forecastjaar (ultimo 2026) wordt een DCF-berekening van de beleidswaarde gevraagd. Uitgangspunt voor deze berekening is de waardering uit de jaarrekening 2025 (op basis van het handboek marktwaardering 2025 (hoofdstuk 9, beleidswaarde)). Van daaruit wordt een geactualiseerde berekening gevraagd naar prijspeil 2026 met daarin geïndexeerde vastgoedgegevens (inputvariabelen). Dit zijn bijvoorbeeld de huur, WOZ-waarde en achterstallig onderhoud. Voor indexatie van de vastgoedgegevens kunt u de recent door Aw gepubliceerde ‘leidraad economische parameters dPi2026’ gebruiken. Vervolgens past u de economische parameters aan.
In paragraaf ‘Onderscheid onderhoud en verbetering’ (hoofdstuk 2.1) van deze handleiding wordt uitgelegd hoe de (aangescherpte) set van definities inzake Onderhoud, verbetering en beheer al volledig geïmplementeerd moet zijn en dus ook in de dPi2026 volledig moet worden toegepast.
Uitgangspunten:
Actuele contract jaarhuur: ontleend aan eigen administratie (schatting december huur 2026);
Actuele streef jaarhuur: eventueel bijgesteld beleid rekening houdend met inperking ruimte bij DAEB conform leidraad en Q&A i.h.k.v. liberalisatiegrens DAEB bezit);
Totale beheerkosten: norm (mede op basis van memo onderhoud en beheer);
Gemiddelde disconteringsvoet: ontleend aan de meest recente feitelijke waardering;
Overige inputvariabelen: indexering van toepassing.
De beleidswaarde berekent u voor de eenheden woonruimte (zelfstandige en onzelfstandige woongelegenheden, EGW, MGW, studenteneenheden en extramurale zorgeenheden). Voor de eenheden niet-woonruimte (BOG, MOG en parkeergelegenheden) en intramuraal vastgoed wordt niet afzonderlijk een beleidswaarde berekend, omdat in de totaaltelling wordt verondersteld dat de beleidswaarde van niet-woongelegenheden (BOG, MOG en parkeergelegenheden) en intramuraal vastgoed gelijk is aan de marktwaarde in verhuurde staat.
Last updated

